KenniscentrumBehandelingenSlagaderverkalking › Bypassoperatie › Bypassoperatie

Bypassoperatie

Operatieve behandeling bij vernauwde slagaders in een been

Een bypass is een omleiding langs een vernauwde of verstopte slagader, in dit geval in een been. Door slagaderverkalking is de slagader verstopt of vernauwd geraakt. Hierdoor stroomt het bloed niet meer goed door en krijgen weefsels en organen te weinig bloed.
Bij een bypassoperatie wordt de bloedstroom omgeleid met behulp van een stuk van een eigen ader, of met een kunststof ader. Op die manier krijgen weefsels en organen weer voldoende bloed.

Verloop van een bypassoperatie

Voor een bypassoperatie wordt de patiënt drie tot vier dagen opgenomen in het ziekenhuis. De ingreep vindt plaats onder narcose.
Voorafgaand aan de operatie wordt met behulp van duplexonderzoek en/of een angiografie bepaald, waar de bypass precies moet komen.

De chirurg maakt een snee boven de vernauwing (meestal is dit in de lies) en één onder de vernauwing, in het been. De bypass wordt gemaakt door een eigen ader uit het been of door een kunststof ader te gebruiken. Bij voorkeur wordt een eigen ader gebruikt, omdat de bypass dan langer meegaat. Vóór de operatie heeft de vaatlaborant al onderzocht of de eigen aders geschikt zijn om te gebruiken voor een bypass.

De bypass wordt gemaakt door deze onder en boven de vernauwing in de slagader te hechten. Daarna worden de sneetjes in de lies en in het been gehecht.

Na de operatie

Na een bypassoperatie is het direct merkbaar dat de doorbloeding verbeterd is, doordat de klachten bij het lopen verminderd zijn. Het succes van de operatie hangt af van de mate waarin de bypass op langere termijn open blijft. Of de bypass op lange termijn goed open blijft, hangt af van een aantal factoren:
  • de lengte van de bypass (hoe korter hoe beter);
  • de doorsnede van de bypass;
  • de kwaliteit van de ader waarmee de bypass is gemaakt;
  • de leefstijl van de patiënt.
Als de bypass toch dichtslibt, is snel ingrijpen noodzakelijk. Om die reden komen patiënten met een bypass regelmatig voor controle naar de polikliniek. De bypass wordt onderzocht door middel van duplexonderzoek.

Complicaties

Iedere operatie brengt het risico op een complicatie met zich mee. Denk hierbij aan een (na)bloeding, wondinfectie, trombose of een longembolie. Bij een operatie aan een slagader zijn daarnaast ook specifieke complicaties mogelijk. Mogelijke complicaties na een bypassoperatie zijn:
  • vochtophoping in de lies of het onderbeen. Dit is hinderlijk, maar verdwijnt doorgaans vanzelf. In veel gevallen draagt de patiënt tijdelijk een dunne steunkous om het vasthouden van vocht zoveel mogelijk te beperken.
  • veranderd huidgevoel/gevoelloosheid rondom de littekens. Dit herstelt meestal vanzelf.
  • een bloeding uit de geopereerde slagader. Dit wordt doorgaans verholpen met een drukverband. Bij een ernstige bloeding kan soms een nieuwe operatie nodig zijn .
  • een afsluiting van de aangelegde bypass. Het kan dan soms nodig zijn om opnieuw te opereren.
  • loslaten van een bloedpropje of stukje vaatkalk tijdens de operatie. Dit kan als gevolg hebben dat ergens anders in het lichaam een bloedvat wordt afgesloten en de organen niet meer doorbloed worden. Dit is een ernstige complicatie.



Deel deze pagina: